Toepassingsgebied en voorwaarden gerechtelijke reorganisatie

Wie kan gebruik maken van de procedure van gerechtelijke reorganisatie?
Het toepassingsgebied is veranderd onder de nieuwe wet. Het is ruimer geworden. Het begrip 'handelaar' is niet meer van belang. Wel het begrip 'onderneming'. De wet is van toepassing op iedere onderneming.
Een onderneming is (art. XX.1, eerste lid WER):
- iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent. Dit betekent dus iedereen die werkt met zichzelf als baas. Ook zaakvoerders en bestuurders van een vennootschap, (bijvoorbeeld de BVBA of een NV) zijn ondernemer.
- Iedere rechtspersoon, behalve de publiekrechtelijke. Het gaat hier dus om vennootschappen (ongeacht welke activiteit ze uitoefenen), VZW’s en stichtingen. Ziekenhuizen, zorgcentra en sportclubs kunnen dus beroep doen op het insolventierecht om hun financiële moeilijkheden het hoofd te bieden.
- Iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid, tenzij die geen uitkeringsoogmerk heeft en in feite geen uitkeringen verricht aan haar leden. Een carnavalsvereniging of de scouts bijvoorbeeld hebben niet de intentie om uitkeringen te geven aan haar leden en daarvoor geldt de wet dus niet.
Uitgesloten van de definitie en dus geen ondernemingen zijn: de Federale staat, de gewesten, de gemeenschappen, de provincies, de gemeenten, OCMW’s,…
Dus vrije beroepsbeoefenaars zoals apothekers, tandartsen, advocaten, artsen,.. worden beschouwd als ondernemers of zij nu een BVBA hebben of een eenmanszaak zijn. Zij kunnen dus gebruik maken van de procedure gerechtelijke reorganisatie.

Een VOF is een rechtspersoon en valt dus onder de wet. Het verschil met vroeger is dat er verschillende insolventieprocedures kunnen zijn voor de VOF zelf en de hoofdelijke aansprakelijke vennoten. Zo kan het dus zijn dat bijvoorbeeld de VOF failliet gaat en dat de vennoten een procedure gerechtelijke reorganisatie aanvragen. De vennootschap en de vennoten kunnen dus keuzes maken eik op hun eigen maat.
Ook maatschappen en stille en tijdelijke handelsvennootschappen kunnen het insolventierecht toepassen.
Opmerking: er zal binnenkort ook een nieuwe wetgeving komen voor de vennootschappen. Er zullen vennootschapsvormen verdwijnen. Daarover volgt later nog meer informatie.

 

Wat zijn de voorwaarden voor de procedure gerechtelijke reorganisatie?
De wettelijke doelstelling van de gerechtelijke reorganisatie luidt: “het behoud van de continuïteit van het geheel of een gedeelte van de onderneming in moeilijkheden of haar activiteiten”. (art. XX.39 WER). Dit geldt als voorwaarde om gebruik te maken van die procedure. De rechtbank houdt bij het oordeel over de toelating van de procedure, rekening of er nog continuïteit is in de onderneming.  Wanneer er geen activiteiten meer gebeuren in de onderneming, dan is de gerechtelijke reorganisatie niet mogelijk want dan is die voorwaarde niet vervuld.
Het verderzetten van de activiteit of toch een deel ervan moet mogelijk zijn. Om toegelaten te worden tot de procedure moet de continuïteit bedreigd zijn. Deze bedreiging moet er niet meteen zijn, het kan gaan om een toekomstige bedreiging. Zelfs al heb je nog geen echte schulden maar je verwacht moeilijkere tijden omdat er bijvoorbeeld wegenwerken in de straat van je winkel zijn aangekondigd. Je kan dan al een aanvraag gerechtelijke reorganisatie doen. Je moet niet wachten tot je heel veel schulden hebt. Je kan ook al vooruitzien en gebruik maken van de mogelijkheden.

terug naar overzicht

Vijf voor twaalf Menulink: