Het Reorganisatie Plan bij de GERECHTELIJKE REORGANISATIE:

Het reorganisatieplan is een specifieke toepassing van het businessplan.

Inleiding:

Een businessplan betreft de toekomst. Dat is uiteraard zo bij de start van een onderneming. Maar ook voor bestaande ondernemingen is het verstandig om op regelmatige tijdstippen een businessplan op te stellen of het bij te werken, te actualiseren. En dan vertrekt dat businessplan uiteraard vanuit de bestaande toestand.

Het reorganisatieplan legt de link met een moeilijk verleden en voorziet in een oplossing van de problemen. In de eerste plaats moet je in het reorganisatieplan opzoek naar rendementsverbetering. Door omzetverhoging, door verbetering van de bruto winstmarge, en/of door kostenbesparingen. Daarnaast voorziet een reorganisatieplan ook in een afbetalingsregeling voor schulden die in het verleden niet betaald raakten. Het is een verplicht document in het kader van de Gerechtelijke Reorganisatie (art. XX.72 WER) en bestaat uit een beschrijvend en een bepalend gedeelte. Het moet opgesteld worden tijdens de periode van opschorting. Dit is de termijn dat je beschermd bent tegen je schuldeisers. Het moet, zoals het verzoekschrift, neergelegd worden via Regsol

In vele reorganisatieplannen ligt de focus te veel op een ‘regeling voor de schulden’ en te weinig op een rendementsverbetering. Daarin schuilt vaak het verschil tussen lukken of mislukken. Het is een illusie te verwachten dat na de homologatie de omzet als het ware met een vingerknip voldoende hoog zou worden. De bruto-winstmarge verhogen is evenmin een evidentie. Niet zelden verwacht men te veel van kostenbesparingen.

Jouw bedrijf is uniek. Elk bedrijf en elke sector is anders. Om na te gaan hoe je in jou bedrijf de omzet kan verhogen, het rendement kan verbeteren of op welke kosten je kan besparen heb je advies op maat nodig. Verder op deze pagina geven we wel een aantal aandachtspunten waarmee je zelf al het nodige denkwerk kan opstarten.

Omdat het in het kader van het reorganisatieplan cruciaal is een goed inzicht te hebben in de soorten schulden die jou onderneming kan hebben staan we daar als eerste uitgebreid bij stil.

Soorten schulden:

In het kader van de Gerechtelijke Reorganisatie worden de schulden in 2 x 2 groepen onderverdeeld.

Het eerste onderscheid betreft schulden 'in de opschorting' en 'andere' schulden.

De schulden in de opschorting zijn alle schulden die bestaan op de dag van de opstart van de procedure. Dit zijn de schulden waarvoor je door deze procedure bescherming tegen de schuldeisers krijgt. Zodra het reorganisatieplan door de Rechtbank gehomologeerd (lees: bekrachtigd) wordt met een vonnis moet je die schulden over een periode (de herstelperiode) van maximaal 5 jaar afbetalen. Die afbetalingen moet in het reorganisatieplan uitgewerkt worden.

De 'andere' schulden zijn deze die nadien ontstaan. Dit zijn dus schulden die uit de gewone werking van je onderneming voortvloeiën. Je onderneming moet immers blijven doorwerken tijdens deze procedure. Deze schulden krijgen geen speciale behandeling: zij moeten op hun vervaldag betaald worden. Als dat niet zou lukken heeft deze procedure van Gerechtelijke Reorganisatie weinig kans op slagen.

De 2de opdeling betreft alleen  de schulden in de opschorting, het gaat dan namelijk over:

  • Gewone schulden
  • Buitengewone schulden

De buitengewone schulden zijn deze die op één of andere basis bevoorrecht zijn, namelijk op basis van

  • wettelijke bepalingen of
  • door waarborgen (zekerheden) zoals een hypotheek op een onroerend goed van de onderneming of een pand op de handelszaak. Het gaat hier met andere woorden om waarborgen verstrekt door de onderneming zelf

De gewone schuldeisers hebben geen enkel voorrecht of waarborg.

Opmerking: Borgstellers geven aan schuldeisers (ook) een waarborg. Maar die komt dan niet uit de onderneming. De door borgstellers verstrekte zekerheden beïnvloeden de opdeling tussen de gewone en buitengewone schulden dus niet. Zelfs niet als een privé-woning in hypotheek gegeven werd voor een schuld van de onderneming.

Conclusie: Alleen de schulden waarvoor door de onderneming uitdrukkelijk (in een contract) zakelijke zekerheden op haar eigen goederen gesteld (waarborgen gegeven) werden en de bij wet geregelde voorrechten kunnen dus als buitengewone schulden aanzien worden.

In de praktijk kun je beide juridische groepen nog verder onderverdelen in subgroepen. Dat is zeer nuttig want voor elke subgroep (zie hieronder voor meer uitleg) kan een andere betalingsregeling uitgewerkt worden.

Deze onderverdelingen moeten wel op objectieve criteria steunen. Vaak wordt de grootte van de schuld aan één bepaalde schuldeiser als criterium gebruikt. Dat is een helder, voor iederen begrijpbaar gegeven. Maar je zou ook het belang van deze leverancier of gene voor jou onderneming versus de minder belangrijke leveranciers als onderscheid kunnen nemen. Of nog andere criteria laten gelden. Het is dus zeer belangrijk dat in het reorganisatieplan goed uitgelegd wordt welke criteria gebruikt worden, zodat duidelijk is waarom schuldeiser x wel en schuldeiser y niet in een bepaalde subcategorie is opgenomen.

De Schulden verder onderverdelen in subgroepen:

De Gerechtelijke Reorganisatie kent verschillende vormen.

Eén daarvan, het Collectief akkoord biedt de mogelijkheid om slechts een deel van de schulden te betalen. Maar dit geldt niet voor alle schulden. En waar het wel kan moet minstens 20% van de hoofdsom betaald worden. Het woord ‘minstens’ duidt er op dat je subgroepen kan maken voor elk ander % dat hoger is dan 20.

De “openbare schuldeisers met een algemeen voorrecht”, dit zijn: de fiscus, de rsz en de bijdragen voor sociale zekerheid van zelfstandigen, moeten in dezelfde mate betaald worden als de best behandelde gewone schuldeiser.

Minstens 20% van de hoofdsom betalen wil zeggen dat aan de schuldeisers kan voorgesteld worden dat de intresten en andere kosten volledig wegvallen.

De keuzes moeten blijken in het bepalend gedeelte: hierin staat wat afgesproken wordt met schuldeisers.

Zolang het plan niet bekrachtigd is door de Rechtbank (dit is de 'homologatie') kan je de gemaakte keuzes nog wijzigen. In de praktijk zal de keuze al eerder definitief zijn: tijdens de Algemene Vergadering van Schuldeisers wordt er immers over het plan gestemd.

Dit is bij het maken van die subgroepen de essentie: op welke termijn zal je welke schulden terugbetalen en in welke mate.

En verder:

Een reorganisatieplan vertrekt altijd vanuit de actuele situatie van de organisatie. Dit is de situatie op het moment van de neerlegging van het verzoekschrift. Vanaf het vonnis waarbij de Rechtbank het verzoekschrift ontvankelijk (open) verklaart ben je een beschermde tegen de schuldeisers.

Een goed reorganisatieplan

  • begint dus met de actuele situatie,
  • omvat de beschermde periode en
  • loopt tot het einde van de periode waarin de collectieve schulden worden afbetaald (maximum 5 jaar).

Belangrijk hierbij is dus het einddoel. Stel je daarom volgende vragen

  • hoe kan mijn onderneming van de bestaande situatie evolueren naar de gewenste situatie: naar een rendabele onderneming, nadat alle schulden afbetaald zijn?
    • wat is daarvoor nodig? Denk daarbij na over het benodigde personeel, eventuele extra investeringen, nieuwe kredieten, enz.
    • Hoeveel zal dat kosten? Ook het zoeken van nieuwe klanten kost geld.
    • hoeveel tijd zal dat vergen? en
    • hoe ga je die tijd (financieel) overbruggen?
    • wat zijn de (andere) voorwaarden om die transitie met succes te kunnen doorlopen?
  • Hier vindt je tips die je helpen om antwoorden op die vragen te formuleren

Om dat uit te zoeken en de haalbaarheid van het plan aan te tonen moeten er budgetten en begrotingen opgesteld worden voor de ganse periode én voor de periode nadien.

Het op basis van die budgetten en begrotingen opgestelde financieel plan zal duidelijk maken

  • of en hoe tijdens de beschermde periode de daarmee gepaard gaande extra kosten (en die zijn er) kunnen gedragen worden
  • en dat na de transitieperiode de organisatie rendabel kan zijn
  • of, voor de niet-commerciële organisaties: dat de werking, het voortbestaan op lange termijn verzekerd is.

In het luik “businessplan” van het reorganisatieplan moet dus nog meer dan in gewone business plannen duidelijk gemaakt worden welke remedies zullen aangewend worden om van een onrendabele onderneming een rendabele te maken .

 

Waaruit het beschrijvend deel bestaat leggen we hier uit.

Deze documenten vormen een stappenplan: elk gaat verder op het vorige.

Voor meer uitleg over elk van deze elementen klik hier.

Het bepalend deel borduurt verder op het financieel plan en het businessplan. Hier wordt aangetoond dat het rendement dat uit de winstberekeningen van het beschijvend deel blijkt ook volstaat om de voorgestelde afbetalingen van de schulden in de opschorting ook effectief uit te voeren. Hier ga je dus niet alleen vastleggen hoe, wanneer en in welke mate de diverse schuldeisers zullen kunnen betaald worden. Dit doe je best door het financieel plan aan te vullen door schuldeiser per schuldeiser per periode aan te duiden hoeveel er zal betaald worden. En uiteraard moet dan blijken dat daarvoor voldoende geld beschikbaar is.

Samengevat:

In het beschrijvend gedeelte leg je uit hoe je van je onderneming een rendabele onderneming kan maken en toon je dat ook aan. In het bepalend gedeelte toon je vervolgens aan dat je de afspraken met de schuldeisers zal kunnen nakomen.

 

 

Vijf voor twaalf Menulink: