Jouw bedrijf gaat failliet - fiscale gevolgen

De faillietverklaring van een bedrijf veroorzaakt meestal verliezen voor de ondernemer die dat bedrijf leidde of bezat. Die verliezen kan de ondernemer vaak fiscaal recupereren. Dat veronderstelt de ondernemer zijn aangiften in de personenbelasting tijdig indient. Bovendien vergt een juiste fiscale aangifte gespecialiseerde kennis waardoor de tussenkomst van een boekhouder wenselijk blijft, zelfs als je geen zelfstandige meer bent. Dyzo geeft je toch deze info zodat je kunt inschatten welk belang inspanningen op dit vlak kunnen hebben.

Verschillende mogelijkheden kunnen zich voordoen. Dyzo bespreekt ze hierna zo kort en zo eenvoudig mogelijk.

1. De failliet verklaarde zaak was een eenmanszaak, een vennootschap onder firma (VOF) of een gewone commanditaire vennootschap (GCV), waarvan je of werkende vennoot was.

Als je situatie overeenkomt met het vermelde onder 1., ben je onbeperkt aansprakelijk voor de schulden van het faillissement. De werkende vennoten van de VOF en de GCV worden meestal ook ten persoonlijke titel failliet verklaard. Je fiscaal aftrekbare verliezen bestaan uit je betalingen aan de curator en uit inbeslagnames op je privé-goederen. Er is slechts 1 beperking : de schulden in het faillissement moeten aangegaan zijn om je (vroegere) beroep te kunnen uitoefenen. Dit onderscheid is van belang omdat ook (de meeste) private schulden in het faillissement terecht komen. De verliezen zijn aftrekbaar in de fiscale rubriek "kosten gedragen na stopzetting". Enig rekenwerk zal nodig zijn om het aftrekbare bedrag te bepalen.

2. De failliet verklaarde zaak was een BVBA (besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid), een CVBA of CVOA (Coöperatieve vennootschap respectievelijk met beperkte of onbeperkte aansprakelijkheid) of een NV (naamloze vennootschap). In die vennootschap was jij zaakvoerder of bestuurder.

Als jouw situatie overeenkomt met het vermelde onder 2, kan je in principe niet aangesproken worden voor schulden uit het faillissement. Maar dat kan wel als je je persoonlijk borg stelde voor de schulden van de vennootschap. Banken eisen meestal zo'n borg, verhuurders van cafés ook, grote leveranciers eerder uitzonderlijk. Daarnaast kan de rechtbank een aansprakelijkheid opleggen. De betaling van dergelijke schulden is aftrekbaar onder de fiscale rubriek "betalingen en kosten gedaan of gedragen na stopzetting". Voorwaarde is dat je inkomsten kreeg uit de vennootschap in kwestie.

3. De failliet verklaarde zaak was een BVBA (besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid), een CVBA (Coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid), waarin je geen functie had als zaakvoerder maar je was wel werkend vennoot.

Als jouw situatie overeenkomt met het vermelde onder 3, kan je in principe niet aangesproken worden voor schulden uit het faillissement. Maar dat kan wel als je je persoonlijk borg stelde voor de schulden van de vennootschap. Banken eisen meestal zo'n borg, verhuurders van cafés ook, grote leveranciers eerder uitzonderlijk. In zo'n geval zal je geen bevrijding wegens kosteloze borg kunnen vragen, maar de betaalde sommen zijn, op de zelfde wijze als de zaakvoerders onder 2. hiervoor, fiscaal aftrekbaar.

4. De failliet verklaarde zaak was een NV (naamloze vennootschap). In die vennootschap was jij slecht aandeelhouder. Of je was stille vennoot in een failliete GCV (gewone commanditaire vennootschap).

Ook als jouw situatie overeenkomt met het vermelde onder 4, kan je in principe niet aangesproken worden voor schulden uit het faillissement. Ook in dit geval kan dat wel als je je persoonlijk borg stelde voor de schulden van de vennootschap. Banken eisen vaak zo'n borg, verhuurders van cafés ook, grote leveranciers eerder uitzonderlijk. Je kan daarnaast ook vrijwillig een of meerdere schulden uit het faillissement betalen. De betaling van dergelijke schulden is niet aftrekbaar. Voorwaarde is immers dat je inkomsten kreeg uit de vennootschap in kwestie. Wanneer jou situatie onder deze 4de categorie gevangen zit is dat niet het geval.

5. De failliet verklaarde vennootschap was een CVOA (coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid). In die vennootschap was je vennoot. Anders dan de zaakvoerder, moeten de vennoten van dergelijke vennootschap de schulden in het faillissement wèl betalen. De betaling van dergelijke schulden is alleen aftrekbaar onder de fiscale rubriek "betalingen en kosten gedaan of gedragen na stopzetting" als je werkende vennoot was. Voor de andere vennoten is die betaling niet fiscaal aftrekbaar. Voorwaarde is immers dat je inkomsten kreeg uit de vennootschap in kwestie.

Gevolgen van die fiscale aftrek: de in aftrek gebrachte bedragen worden in mindering gebracht van de beroepsinkomsten. Ook als je na het faillissement een vervangingsinkomen of als werknemer een loon verkrijg. De fiscus betaald je daardoor alle of een deel (afhankelijk van de grootte van de getallen) van de bedrijfsvoorheffing die van dat inkomen werd afgehouden terug.

Wanneer moet je die sommen in de aangifte vermelden? Dat moet je doen in de belastingaangifte die betrekking heeft op het jaar waarin ofwel

  • je effectief sommen betaalde aan de curator (dit is niet van toepassing voor de borgstellers) of aan de schuldeiser: alleen de effectief betaalde bedragen mag je in dit geval vermelden
  • je van de schuldeiser als borgsteller een schriftelijke aanmaning tot betalen van de schulden van de failliete onderneming krijgt. Je mag de volledige schuld - zelfs al betaalde je dat jaar niets effectief - in mindering bregen. Dat is dus het meest interessante moment met het grootste voordeel.
  • in het jaar waarin het faillissement wordt afgesloten. Op dat moment wordt de schuld voor jou "zeker en vaststaand". Dat begrip "zeker en vaststaand" wil zeggen dat het bedrag dat je zal moeten betalen definitief gekend is. Ook in dit geval mag je de volledige schuld in de aangifte vermelden, zelfs al betaalde je dat jaar nog niets.

In de 2 laatste optie's kan het in aftrek gebrachte bedrag vele malen groter zijn dan het inkomen van dat jaar. Het overschot noemen we een "overdraagbaar verlies". Dat wil zeggen dat je het overschot volgend jaar nog eens mag vermelden. Elk jaar mag je het overschot verder vermelden tot de schuld volledig gerecupereerd is. Al die jaren krijge je door die fiscaal overdraagbare verliezen alle op je loon ingehouden voorheffingen terug krijgen.

Als je deze momenten liet voor bijgaan mag je nadien alleen nog effectief betaalde sommen in mindering brengen. Dat is veel minder interessant want je kan nooit je volledige inkomen gebruiken om zo'n schuld af te betalen. Er zal dan ook slechts een deel van de bedrijfsvoorheffing terugbetaald worden.

Herstarten Menulink: